Column: de herontdekking van Twitter

De herontdekking van Twitter

Geregistreerd in januari 2012, is wat er onder mijn profielfoto op Twitter staat. Dat was die tijd dat Twitter ‘in’ was, zonder Twitter hoorde je er gewoon niet bij. En dus maakte ook ik Twitter aan. Ik zat toen in groep acht. Dát vond ik al vroeg.

In het laatste half jaar van mijn bassischoolperiode, het eerste jaar van mijn middelbare schoolperiode en een groot deel van mijn tweede jaar van mijn middelbare schoolperiode was Twitter het he-le-maal. Voor we het wisten leden we aan FOMO: Fear of Missing Out. We hadden er allemaal last van. Zelfs al zaten we in de klas, dan gingen de mentions en DM’s van hoek naar hoek, terwijl de docent dacht dat we poeslief aan ons Franse huiswerk zaten op WRTS. Ik kan je vertellen: WRTS stond puur open voor de gevallen: ‘docent-loopt-langs’. Wat zal ze wel niet gedacht hebben? Stelletje eigenwijze pubers zijn jullie ook. Ik heb een hele hoop Franse woorden en grammaticalessen gemist door die Twitter-tic. En voor de lieverds die door dit soort sociale media gevallen die niet eens weten wat WRTS is: daar leer je woordjes op. Ja, echt. Dat deden we toen nog niet via Instagram.

Toen het einde van mijn tweede leerjaar naderde, waarna ik overigens Frans liet vallen, begon Twitter ‘uit’ te raken. ‘’Zit jij nog op Twitter?!’’ Ja, jij op Instagram zeker? Pf. Instagram en Snapchat nam de hele Twitter historie over, en voor we het wisten was het niet stoer meer om een Twitter app op je mobiel te hebben. Rond 2015 was Twitter zo’n beetje een taboe geworden. Twitter? Wat is dat?

Rond 2016 begon mijn interesse voor Twitter weer op te bloeien. Sinds ik de app Timehop heb kan ik elke dag bekijken wat ik járen geleden tweette. Nu lijk ik net zo’n stokoude vrouw die vroeger verslaafd was aan een social media platform, maar geloof me: het is leuk. Ik begon weer met tweeten: wat kon het schelen? Mij niks. Niemand zat meer op Twitter, en dus kon niemand je meer oordelen. Zou je denken. Toen ik een keer een verhaal vertelde aan een vriend van mij, was ik stomverbaasd over het antwoord: ‘’Ja, ik las het op Twitter, inderdaad.’’ Ha, betrapt. En ik durf te wedden dat meerdere van jullie zo waren. Met jullie FBI-skills.

‘’Zit jij nog op Twitter?’’, hoorde ik toen ik op mijn nieuwe opleiding kwam. ‘’Ja!’’, zei ik trots. Gelukkig was daar Cassedey, die net zoals ik trots kon zeggen dat ze nog op Twitter zat. Daar begon het. Inmiddels hebben we een groot deel van de klas op Twitter weten te krijgen, en in mijn klas kijken ze er niet meer raar van op als ik vertel dat ik mijn hele leven deel in zinnen van 140 tekens op een mediaplatform wat vijf jaar geleden dé Tinder van nu was.

Nog steeds zitten er Twitter-accounts tussen van kinderen die in groep vijf zitten. Dat is zo ongeveer de peuterfase waarin ik mijn barbies en voorleesboeken uit de kast trok om me mee te vermaken op een zondagmiddag. En dat zit nu al op Twitter. Ik verbaas me er steeds meer over, maar misschien is het ook wel goed. Via Twitter accounts zoals @wistjedat of bloggers die hun verhalen deelden heb ik enorm veel geleerd in mijn twaalfde levensjaar, en de jaren daarop. En dat is dan weer het voordeel van het aanmaken van een social media account bij de geboorte van je kind, zodat de naam in elk geval niet bezet is zodra hij of zij in de peuterfase terecht komt.

Lekker toepasselijk! Volg me op Twitter: @styledbylarissa. Vind ik leuk. Nee, dat is dan weer Facebook. Shit.

Larissa de Vos

Larissa de Vos | 19 jaar | Mediaredactie-medewerker | Eigenschappen: Spontaan / Creatief / Perfectionistisch.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *